Ingrediënten
  •  2 wortelen
  •  1 knolraapje
  •  100 g kool
  •  2 preiwitten
  •  2 courgettes
  •  50 g boter
  •  zout en peper
  •  1/2 theelepel gemberpoeder
  •  1 theelepel gehakte peterselie
  •  1 theelepel fijngehakte koriander
  •  50 g champignons in stukjes gesneden
  •  1 ei
  •  50 g taugé
  •  sojaolie
  •  500 g pastilla deegvellen (klein formaat)
  •  70 g gesmolten boter
  •  frituurolie

Snij de wortelen, de knolraap, de kool, de prei en de courgettes in dunne reepjes. Bak ze roerend op in boter, breng op smaak met zout, peper en gember. Wanneer de groenten gaar zijn voeg dan de champignons en de taugé toe, laat nog even doorkoken en roer af en toe door elkaar. Neem van het vuur en laat afkoelen in een kom of schotel.

Zet de pan opnieuw op het vuur met de sojasaus waarin je het ei doorroert. Voeg het groentenmengsel eraan toe en roer alles goed door elkaar.

Leg een vel pastilladeeg plat neer en bestrijk met de gesmolten boter. Schep één eetlepel groentenmengsel erop in het midden van het deegvel. Sla de twee kanten over en rol op in de vorm van een staafje. Doe zo verder tot alle groetenmengsel op is.

Frituur de staafjes in hete olie tot ze goudgeel kleuren en laat ze uitlekken. Warm opdienen.